01Energie van de drager
Een lezer genereert een continue RF-drager via de antenne. Passieve tags oogsten een klein deel van dat veld met een gelijkrichter en charge pump in de chip. De chip wordt alleen wakker wanneer ontvangen vermogen de gevoeligheidsdrempel overschrijdt; daarom zijn afstand, antenneversterking, kabelverlies en tagoriëntatie allemaal van belang.
02Backscatter-modulatie
Een passieve UHF-tag creëert geen nieuw radiosignaal als zender. Hij schakelt de belasting op zijn antenne tussen impedantietoestanden. Daardoor verandert hoeveel van de drager van de lezer wordt gereflecteerd, wat kleine zijbanden creëert die de ontvangereenheid van de lezer demoduleert tot RN16, EPC, TID of user memory-data.
03Near field en far field
LF- en HF-systemen gebruiken vooral magnetische inductiekoppeling in het near field. UHF RAIN RFID gebruikt voornamelijk elektromagnetische voortplanting in het far field. Bij 915 MHz is de golflengte ongeveer 33 cm, dus praktische UHF-lezingen worden bepaald door voortplanting, reflectie, polarisatie en multipath.
04Linkbudget
Twee links moeten sluiten. De forward link moet voldoende RF-vermogen leveren om de tag te activeren. De reverse link moet voldoende backscatter terugsturen voor de gevoeligheidsvloer van de lezer. Een mislukte read kan van beide kanten komen, daarom lost vermogensafstelling alleen niet altijd de inzet op.
05Materialen en detuning
Water absorbeert UHF-energie en metaal reflecteert of detunet gewone dipooltags. On-metal tags voegen een spacer of een afgestemde structuur toe, textieltags gebruiken een antennegeometrie die tegen buigen bestand is, en vloeibare producten hebben vaak nodig dat de tag wordt geplaatst weg van het pad met het hoogste verlies.
06Anti-collision voorraad
Lezers horen niet één keer netjes één tag tegelijk in dichte zones. EPC Gen2 inventory rounds gebruiken anti-collision met time slots. Tags kiezen slots, antwoorden met een willekeurige RN16 en onthullen daarna EPC-data na acknowledgement. Session flags helpen bepalen welke tags blijven antwoorden.
Hoe het Werkt
De meeste passieve RFID-systemen werken volgens het principe 'Lezer-Praat-Eerst'. De lezer zendt een continue golf (CW) van RF-energie uit. Wanneer een tag dit veld binnengaat, wordt deze geactiveerd en moduleert de reflectie van deze golf om terug te communiceren.
Koppelingsmethoden
Inductieve Koppeling (LF/HF): Gebruikt een magnetisch veld. De lezerspoel en tagspoel vormen een transformator. Werkt alleen op korte afstand (Near Field).
Radiatieve Koppeling (UHF): Gebruikt elektromagnetische golven. De tag reflecteert een deel van de inkomende energie terug naar de lezer (Backscatter). Maakt communicatie over lange afstand mogelijk (Far Field).